Caribisch hof verklaart motie van wantrouwen tegen Guyanese regering rechtsgeldig

Caribbean Court of Justice gevestigd in Trinidad

De Caribbean Court of Justice (CCJ) heeft de motie van wantrouwen, die in december 2018 door De Nationale Assemblee van Guyana tegen de regering-Granger werd aangenomen, rechtsgeldig verklaard. De regering van president David Granger zal over moeten gaan tot het houden van verkiezingen. Met 33 stemmen voor en 32 stemmen tegen werd een motie van wantrouwen aangenomen tegen de Guyanese regering. Parlementariër Charrandass Persaud van de coalitie gaf de beslissende stem.

De grondwet van Guyana vereist dat binnen drie maanden na een motie van wantrouwen verkiezingen worden gehouden, tenzij het parlement de termijn verlengt. Dat betekent dat de stemming waarschijnlijk vóór de eerste olieproductie komt, die naar verwachting voor begin 2020 wordt verwacht. Exxon Mobil heeft 13 olie-ontdekkingen gedaan voor de kust van Guyana, die meer dan 5,5 miljard vaten winbare olie en gas bevatten.

In een nationale toespraak dinsdag zei Granger dat de verkiezingen eind november worden gehouden om zo het onafhankelijke verkiezingsorgaan tijd te geven om een nieuw register van kiezers in Guyana te creëren. Volgens de autoriteiten zijn er 750.000 kiesgerechtigden in Guyana.

Oppositieleider Bharrat Jagdeo heeft kritiek op aangekondigde periode waarin de verkiezingen gehouden zullen worden. Er is volgens Jagdeo geen nieuw register nodig. De oppositie heeft de regering ervan beschuldigd de olievoorraden van het land verkeerd te beheren en Exxon overdreven genereuze contractvoorwaarden gegeven.

VANDAAG