Ik mag zeggen wat ik wil, maar niet stemmen hoe ik wil

Ivan Fernald

De begrotingsbehandeling is achter de rug en het is duidelijk dat de regering het buitensporige uitgavenpatroon niet zal wijzigen. En waarom? Omdat machtsbehoud kennelijk belangrijker wordt geacht dan het welzijn van de burgers. Het strooien met geld en paaien met pakketten tot de verkiezing in 2020, moeten de kiezer gunstig stemmen. Het begrotingstekort 2019 is groot en er zal bijkans 8 miljard (SRD 8000 miljoen) extra geleend worden. De gevolgen zijn rampzalig. Met deze maatregel duwt de regering het volk dieper in de put.

De geldhoeveelheid zal groeien, de consumptieve bestedingen zullen toenemen en dat zal leiden tot opwaartse druk van de wisselkoers. Op termijn zullen wij meer Surinaamse valuta moeten neertellen voor alle importgoederen en de koopkracht zal worden aangetast. Het volk zal dus verarmen. Na de verkiezing zal duidelijk worden welke ravage de regering heeft aangericht.

Zijn wij dan helemaal overgeleverd aan de regering?
Het stemgedrag bepalen wij zelf. Onze Schepper heeft ons niet alleen gezegend met een mooi land en natuurlijke hulpbronnen, maar Hij heeft ons ook verstand gegeven en een vrije wil. Dat is niet alleen een zegen, maar het houdt ook een grote verantwoordelijkheid in. Voor een belangrijk deel bepalen wij onze toekomst. Maar het is gebleken dat niet iedereen verstandige keuzen maakt. Je zou denken dat mensen leren uit eigen fouten, maar ook wijzer worden uit misslagen van anderen en de consequenties van handelen kunnen overzien. Dat blijkt niet voor iedereen te gelden. Wij moeten dus verstandige volksvertegenwoordigers kiezen die met kennis en geweten in het parlement zitten. Die moeten ons behoeden voor de leenzucht van de regering.

Wie durft nee te zeggen tegen president Bouterse?
Zolang DNA-leden het partijstandpunt en persoonlijke ambitie belangrijker achten dan het volksbelang, zal het noodzakelijke evenwicht, dat inherent is aan de trias politica (scheiding der machten) niet gevonden en behouden worden. De Nationale Assemblee (DNA) mag haar grondwettelijke wetgevende en controlerende taken niet verzaken. Gebeurt zulks toch, dan is er sprake van een pseudodemocratie en wordt het parlement een verlengstuk van de regering. En daarvoor hebben wij niet gekozen. Als DNA uiteindelijk kiest voor de forse begroting van SRD 15.2 miljard, dan is dit hoogste orgaan van staat medeschuldig aan de verpaupering en armoede die daarna zal ontstaan.

Niemand mag hiermee wegkomen. Daarvoor is de schade te groot en de ellende ons aangedaan te ernstig. Dit moet afgestraft worden door die DNA-leden die het volksbelang verkwanselen, politiek tot persona non grata te verklaren. Wat hebben wij nu aan parlementariërs die het regeringsbeleid de hemel in prijzen, terwijl wij gezien onze schuldpositie en het leengedrag van de regering afstevenen naar de afgrond? De oppositie wijst op de rampzalige gevolgen die zullen optreden als de expansieve begroting 2019 van SRD 15.2 miljard (SRD 15.200 miljoen) in DNA wordt aangenomen. De totale staatsschuld zal oplopen tot SRD 28 miljard (SRD 28.000 miljoen). De tragiek is dat parlementariërs die gelieerd zijn aan de NDP geen boodschap blijken te hebben aan de valide argumenten van de minderheid in het parlement. Tegen beter weten in wordt het leengedrag van de regering verdedigd. Een gewetensvolle parlementariër dient verantwoording te nemen en nee durven te zeggen tegen de begroting. Je bent gekozen door het volk en je bent toch in de eerste plaats parlementariër? Je hebt een mooie eed afgelegd of belofte gedaan in de buitengewone openbare zitting.

De meerderheid heeft niet altijd gelijk
De coalitie ontleent haar gelijk niet automatisch aan een numerieke meerderheid. Evenmin kan de oppositie in het ongelijk worden gesteld vanwege diens numerieke minderheid. In een parlementaire democratie zal uiteindelijk na stemming de meerderheid zegevieren, maar de meerderheid heeft niet altijd gelijk. Bij de huidige coalitie gaat het er niet om wie gelijk heeft, maar de numerieke meerderheid telt. De kritische houding die bij tijd en wijle wordt ingenomen is veelal niet in lijn met het stemgedrag. Menige coalitieparlementariër verandert bij de stemming in een jaknikker. Het partijstandpunt is van doorslaggevende betekenis en dat bepaalt het stemgedrag. Een DNA-lid liet zich heimelijk ontvallen: “Ik mag zeggen wat ik wil, maar niet stemmen hoe ik wil.”

Ivan Fernald

VANDAAG