Perceelidentificatie opgeschort; bewuste of onbewuste misleiding?

Op 30 september 2019, heeft de president tijdens zijn jaarrede aangekondigd, dat de werking van Perceelidentificatie (S.B. 2016 no. 129), wordt opgeschort tot 1 augustus 2020. Dit naar aanleiding van de vele klachten uit de gemeenschap en De Nationale Assemblee. Om te kunnen beoordelen in hoeverre dit een verstandig besluit is, zal eerst het een en ander moeten worden belicht.

Wanneer wij de historie van het grondbeleid in Suriname bekijken, blijkt dat de hoofdoorzaken van grensoverlappingen, grensgeschillen en zeker ook van dubbele gronduitgifte hun oorsprong vinden in:
– Het gebrek aan een adequate en overzichtelijke registratie van de perceelgrenzen (oftewel een geometrische percelenbestand volgens de GLIS-wet) van alle eigendomsgronden en uitgegeven domeinland.
– Het ontbreken aan unieke perceel aanduiding voor percelen.
– Percelenadministratie: Een database met gegevens over de rechtstitel, rechthebbende, bestemming, grootte van het perceel, rechtsopvolging van eigenaren, enz.

Om dit probleem tot het verleden te doen behoren, is de perceelidentificatie afgekort Perceel-ID of PID in het leven geroepen. PID is een unieke aanduiding van het perceel in een landelijk coördinatenstelsel, binnen het nationaal grondgebied van Suriname.
De gedachtegang hierbij is dat een geometrisch bestand + percelenadministratie + unieke perceelaanduiding = Digitaal Percelenbestand.

Na een gedegen vooronderzoek en zorgvuldige voorbereidingen, heeft de implementatie van de Perceel-ID plaatsgevonden volgens de volgende tijdslijn:
– 2010: GLIS-wet, S.B. 2009 No. 149
– 2014: Landmetersinstructie 2014
– 2016: Afkondiging Staatsbesluit Perceel-ID, S.B. 2016 no.129
– 2017: Volledige inwerkingtreding van PID

Waarom een Perceel-ID?
– Vereiste bij overschrijving van een onroerend goed (art. 53 GLIS-wet)
– Door middel van accurate en betrouwbare opmeting garantie van rechtszekerheid
– Ordering van het vakgebied van de landmeters
– Basis voor percelenadministratie bij GLIS

Wat zijn de consequenties voor het opschorten van de werking van het Staatsbesluit 2016?
Het Staatsbesluit 2016 no. 129 heeft slechts betrekking op de totstandkoming c.q. de wijze waarop een Perceel-ID wordt gevormd. De verplichting voor het toekennen van een Perceel-ID aan een perceel, wordt niet geregeld door het Staatsbesluit van 2016, maar staat verankerd in de GLIS-wet van 2009. Met de inwerkingtreding van de GLIS-wet S.B. 2009 en de volledige implementatie van de Perceel-ID, is het ambt van “staatslandmeter” komen weg te vallen.

Alle taken en bevoegdheden van laatstgenoemde zijn “overgenomen” door de GLIS-landmeter. Hetgeen betekent, dat ook het nummeringssysteem van het Domeinkantoor is komen weg te vallen. Met andere woorden is het de GLIS-landmeter die nieuwgevormde percelen, hetzij door verdeling van bestaande terreinen hetzij door nieuw uitgegeven domeingronden, voorziet van een nummer in deze dus ook de Perceel-ID, dat uniek is voor elk perceel, waarbij grenspunten duidelijk aangegeven worden in een landelijk door het GLIS bediend nationaal coördinatenstelsel, teneinde grensoverlappingen en andere kadastrale problemen te voorkomen.

Met de vele klachten vanuit de samenleving en De Nationale Assemblee, doelt de president waarschijnlijk op de lange wachttijden en de hoge kosten ter verkrijging van een Perceel-ID. Met de opschorting van het Staatsbesluit van 2016 worden bovengenoemde problemen dus niet opgelost.

Door een ondoordachte uitspraak in het hoogste college van Staat, brengt de president ten eerste de rechtszekerheid van gronden in het geding. Rechtszekerheid die niet alleen eigenaren van terreinen hebben verkregen door permanente vastlegging van hun perceelgrenzen in een overzichtelijk en uniform landelijk systeem, maar ook bankinstellingen bij het verstrekken van hypotheekleningen, waarbij gronden als onderpand dienen. Ten tweede is met de opschorting van het Staatsbesluit van 2016, de verplichting van een Perceel-ID, zoals geregeld bij de GLIS-wet 2009, niet tenietgedaan. Bovendien dient vermeld te worden dat het stopzetten van de Perceel-ID slechts mogelijk is door de GLIS-wet van 2009 aan te passen. Dit is ook niet een aangelegenheid van de president, maar van De Nationale Assemblee, waarbij de meerderheid van onze volksvertegenwoordigers het besluit zullen moeten nemen.

Tot slot, nog de opmerking dat het frappant is dat de mondelinge opschorting geldig is tot augustus 2020. De periode waarbij de zittingstermijn van de huidige regering officieel verloopt. Met de opschorting is in feite de deur opengegooid voor ongecontroleerde dubbele uitgifte van domeingronden. Heeft dit te maken met het feit, dat men voornemens is onverantwoord gronden uit te geven in aanloop naar de verkiezingen van 2020 om zodoende zieltjes in nood te winnen voor een derde overwinning?

Omdat het ambt van landmeetkundigen de geheimhoudingsplicht met zich meebrengt, zullen er voor nu geen namen genoemd worden. Maar de zittende regering is zich er goed van bewust, dat zij door het gebrek aan wetgeving op Perceel-ID tussen 2010 en 2015, de gelegenheid hebben gehad bewust of onbewust eigendomsgronden te Charlesburg, Mopentibo en andere gebieden als zijnde domeingronden uit te geven, waarbij burgers voor bedragen variërend tussen de $100.000,00 en $500.000,00 zijn benadeeld.

Ervan uitgaande dat bovengenoemde gevallen onbewust zijn geschied, rijst de vraag als met de opschorting van het Staatsbesluit van 2016, waarbij de deuren voor dubbele gronduitgifte worden opengegooid en de rechtszekerheid op grond in het geding wordt gebracht, nu wordt gedaan aan bewuste misleiding van het volk op weg naar de verkiezingen van 2020 of onbewuste misleiding door gebrek aan kennis?

Werkgroep Planning en Ontwikkeling van het Johan Adolf Pengel Instituut van de NPS

VANDAAG