Rechtszaak Kiesregeling, een gevecht om zetels

Kantongerechten civiele zaken. Foto: Suriname Herald

De politieke partijen Partij voor Recht en Ontwikkeling (PRO), Seti Sranan Politieke Partij, STREi! en Alternatief 2020 (A20) hebben deze week een rechtszaak aangespannen tegen de staat Suriname. De partijen willen via de rechter de dit jaar gewijzigde Kiesregeling ongedaan maken. Partijen willen het verbod op pre-electorale combinaties via de rechter laten opheffen. Ook hekelen de partijen de waarborgsom die voor de komende verkiezing is ingevoerd. Deze zal tussen de SRD 80.000 en 100.000 bedragen. In het verzoekschrift vermelden de indieners dat de wijziging van de Kiesregeling ongrondwettelijk is geschied, omdat dit volgens hen in De Nationale Assemblee (DNA) niet met de vereiste twee derde meerderheid is goedgekeurd.

Over de waarborgsom zijn in DNA en ook daarbuiten verschillende discussies gevoerd. Het voorstel in DNA was om de 1-procentregeling te behouden en om daar juist een waarborgsom aan te koppelen. Deze waarborgsom krijgt een politieke partij terug, indien deze ten minste één zetel in één van de volksvertegenwoordigende organen heeft behaald of indien zij het aantal stemmen op assembleekandidaten dat gelijk is aan één procent van het totaal aantal kiezers heeft behaald. Bij voorgaande verkiezingen is door kleine partijen vaak misbruik gemaakt van de 1-procentregeling. Men schreef zich bij het Centraal Hoofdstembureau in met zogenaamd veel leden. Maar na de verkiezingen bleek veelal dat deze partijen niet eens 1 procent van het aantal stemmen hadden behaald. Met de waarborgsom tracht men nu een einde te maken aan deze praktijk.

Er is geen twee derde meerderheid vereist voor het verbieden van pre-electorale samenwerking of het instellen van een waarborgsom. Artikel 60 van de Grondwet van de Republiek Suriname noemt het verbieden van pre-electorale samenwerking niet als onderwerp waarvoor een twee derde meerderheid is vereist. Ook het instellen van een waarborgsom valt daar niet onder. De Grondwet noemt in artikel 83 de gevallen, waarbij een twee derde meerderheid van het grondwettelijk aantal leden van DNA is vereist. Een twee derde meerderheid is onder andere vereist in geval men de Grondwet wil wijzigen, bij het kiezen van de president en het wijzigen van de Kiesregeling, voor zover het de in artikel 60 aangegeven onderwerpen betreft. En artikel 60 noemt de Grondwet de instelling van een onafhankelijk kiesbureau en zijn bevoegdheden, de indeling van Suriname in kiesdistricten, de zetelverdeling van DNA per kiesdistrict en de methoden, volgens welke de regeling van de zeteltoewijzing plaatsvindt, worden bij wet geregeld.

Wat hebben de politieke combinaties ons opgeleverd sinds de verkiezingen van 1987? Pre-electorale combinaties werden vaak in elkaar gezet omwille van de macht. Laten we zoveel mogelijk partijen in de combinatie opnemen, dan vergroten we onze kans op regeermacht zonder daadwerkelijk rekening te houden met de verkiezingsprogramma’s en partijstandpunten van de individuele partijen in de combinatie.

Een nieuwe partij heeft niet dezelfde infrastructuur en financiële middelen als de reeds gevestigde politieke partijen. Het is daarom voordeliger als er een bundeling komt, een pre-electorale samenwerking. Het in stand houden van wetgeving om pre-electorale combinaties toe te staan om zo zetels te behalen, kan niet het uitgangspunt zijn van een wet. Als partijen reeds vanaf hun oprichting in pre-electorale combinaties opgaan, wat is dan hun bestaansrecht? Hoe moet de kiezer een partij onderscheiden van een combinatie? En wat moet de kiezer doen als de combinatie ineens ophoudt te bestaan? Dat hebben we bijvoorbeeld gezien in 2015. V7 bestaande uit zes partijen, was ineens geschiedenis toen de verkiezingen voorbij waren. Wat moest er dan gebeuren met die 100.000 personen die op V7 hadden gestemd? Dat was ook een van de kritiekpunten op combinatievorming dat werd geleverd door de VHP. Bij combinatievorming hebben partijen niet de garantie dat na de verkiezingen hun partners bij hen blijven, stelde de VHP vorig jaar op een persconferentie.

Het punt dat de partijen wel hebben, is het onevenredig kiesstelsel. Politieke partijen waaronder de VHP en DOE hebben na de verkiezingen van 2015 bij president Desi Bouterse hun beklag gedaan over het naar hun mening onrechtvaardig kiesstelsel. Partijen vinden dat de regering juist wetsvoorstellen naar DNA had gestuurd om haar eigen machtspositie te consolideren in plaats van te gaan naar een rechtvaardiger kiesstelsel. President Desi Bouterse zei vrijdag in Bakana Tori op Radio SRS, dat de regering het kiesstelsel heeft gewijzigd na kritiek van politieke partijen en nu zijn het volgens hem diezelfde partijen die het eens zijn met de goedgekeurde wijzigingen. Die partijen hadden het echter niet over een verbod op pre-electorale combinaties of het instellen van een waarborgsom, maar over een rechtvaardiger kiesstelsel. En het zijn juist deze zaken die de regering niet heeft aangepakt.

Het feit alleen dat deze vier partijen een rechtszaak tegen de staat Suriname hebben aangespannen, geeft alleen maar aan dat ze daarmee erkennen niet zelfstandig een zetel kunnen behalen. Het is voorspelbaar dat de partijen zouden samenwerken om zo zetels te behalen. Als je toch al zou samenwerken, fuseer dan tot één partij of sluit je aan bij een bestaande politieke partij. Als je al vanaf je oprichting moet gaan samenwerken, omdat je het op eigen kracht niet zal halen, wat is dan het bestaansrecht van jouw partij? Dit is een vraag die men zich moet stellen. Uiteindelijk zal de kiezer moeten uitmaken als een partij een zetel krijgt. Dat is dan de wil van het volk en dat is democratie!

VANDAAG