Surinaamse bedrijven krijgen gelden terug van FIOD

Eind mei 2016 ging een schokgolf door delen van het Surinaamse bedrijfsleven toen bekend werd dat zijn gelden door de Nederlandse Fiscale Inlichtingen en Opsporingsdienst (FIOD), de gevreesde werkarm van de Nederlandse belastingdienst, in beslag waren genomen. De verdenking was dat sprake zou zijn van witwasactiviteiten in Nederland. De opdracht tot beslaglegging was afkomstig van het Nederlandse Openbaar Ministerie (OM).

De Surinaamse bedrijven, een bont gezelschap van onder andere geldwisselkantoren, slijterijen, handelszaken, autoverhuur-, reisagenten-en touroperators, hadden op dat moment een bedrag van bijkans zeshonderdduizend euro voorgeschoten ten behoeve van de welbekende dienstverlening “Pinnen met Nederlandse pinpassen in Suriname’’. Als gevolg van het gelegd beslag sloeg de onzekerheid toe onder de Surinaamse bedrijven. De vooruitzichten op een snelle terugvordering van deze gelden, waren bepaald niet hoopgevend.

Vanuit een vrijwel verlamde en uitzichtloze situatie werd op aanbeveling van een ex-topper uit de Surinaamse bancaire wereld, advocaat M. D. Winter van Winter Advocaten, gevestigd te Den Haag, in de arm genomen door de overgrote meerderheid van de benadeelde Surinaamse bedrijven. Winter zette na de opdrachtaanvaarding gelijk het proces in gang om de onterecht in beslag genomen gelden terug te vorderen van de FIOD. Winter is al langer dan 25 jaar werkzaam als advocaat in Nederland en heeft met zijn kantoor een enorme ervaring opgebouwd, zowel op het gebied van straf- als civielrecht. Door zijn juridische vakmanschap kon hij het Openbaar Ministerie in Nederland overtuigen dat deze beschuldiging geheel ten onrechte was. Dat heeft erin geresulteerd dat het volledige bedrag weer werd vrijgegeven aan de benadeelde partijen.

Naast een juridische is dit ook een moreel-ethische overwinning, aangezien Surinaamse bedrijven regelmatig het slachtoffer worden van onterechte verdenkingen in het buitenland. In de meeste gevallen ontbreekt het de vervolgingsambtenaren in het buitenland aan deugdelijke bewijslast. Bedrijven worden daardoor onnodig gecriminaliseerd. Met de afwikkeling van juridische processen gaan – zo leert de ervaring – jarenlange procedures gemoeid met torenhoge kosten.

De dienstverlening van het pinnen met Nederlandse pinpassen in Suriname is geruime tijd stopgezet, omdat gebleken is dat deze dienstverlening stuit op bezwaren van de Nederlandse autoriteiten belast met het toezicht op het betalingsverkeer middels pinpassen op overzeese markten.

Wanita Soekradj

VANDAAG