First lady opent museum op plantage Bakkie

First lady Mellisa Santokhi bij aankomst op plantage Bakkie. Foto: CDS

“Als ze zo door blijven gaan, kunnen er heel wat rijkdommen van onze geschiedenis teruggevonden en belicht worden”, zei first lady Mellisa Santokhi-Seenacherry, die vandaag de opening verrichtte van het Museum Bakkie op de gelijknamige plantage aan de Commewijnerivier.

De presidentsvrouw was verheugd zelf familiegeschiedenis te hebben kunnen ontdekken, maar is meer nog ingenomen met het feit dat veel van de geschiedenis van Commewijne, maar meer nog Suriname terug te vinden is. Ze merkt op dat veel van deze geschiedenis lange tijd onbelicht is gebleven. Het unieke volgens haar is dat veel van de artefacten teruggevonden zijn door het doorgraven van de Warapakreek. Eén van de meest opvallende vondsten is de romp van een Amerikaans vliegtuig uit de Tweede Wereldoorlog.

De first lady knipt het lint door bij de opening van het museum. Foto: CDS

De presidentsvrouw heeft behalve Bakkie ook de plantages Johanna Margaretha en Fredriksdorp aangedaan en rondleidingen gekregen. Ze meent dat er voor archeologische doeleinden heel wat te vinden is in het museum te Bakkie. Volgens haar kan hiermee de geschiedenis belicht en zaken aan elkaar gelinkt worden.

De first lady heeft te Bakkie een rondleiding gehad van Sebastian ‘Bas’ Spek, die samen met zijn vrouw Marsha Mormon eigenaar is van het museum. Hij legt uit dat er een aantal jaar geleden begonnen werd met het graven van de Warapakreek. Nadat er een paar oude flessen werden gevonden, begonnen zij met de gevonden artefacten een collectie op te bouwen.

First lady Santokhi en dc Radjab krijgen uitleg van Sebastian Spek. Foto: CDS

Hij merkt op dat veel stukken over Suriname gemaakt zijn in het buitenland. Met het museum probeert hij de educatie en het toerisme tegemoet te komen. Vooral het toerisme betekent veel voor het gebied, omdat heel wat mensen daar eraan verdienen. Spek zegt al dertien jaar bezig te zijn en volgens hem is het eind nog niet in zicht. “We hebben grotere plannen. De komst van het museum gaat veel betekenen voor Bakkie én Commewijne.”

Spek verwijst naar het feit dat mensen reeds de nabijgelegen Plantage Fredriksdorp bezoeken en nu met een bezoek aan het museum langer in het gebied kunnen vertoeven.

Districtscommissaris (dc) Radjab van Commewijne is bereid een bijdrage te leveren. Hij zal zich ervoor inzetten dat de staatsboot die vanuit Montresort-plantage Alliance aandoet, nu ook naar Bakkie vaart. Op die manier zou men op een goedkopere manier het museum kunnen bezoeken.

Het museum op plantage Bakkie. Foto: CDS

Verder gaat de burgervader het museum ook promoten via het Burger Informatiecentrum (BIC) van zijn commissariaat. Hij meent dat vooral jongeren terecht kunnen voor informatie over contractarbeiders. In het museum is onder meer te zien waarmee en onder welke omstandigheden deze groep gewerkt heeft.

VANDAAG